Artikel
2010-01-07

Mijn vrouw is mijn beste ouderling

Dominee J. Van Amstel neemt na ruim veertig jaar afscheid

door Jilke Tanis

Hij is de dominee van de eenheid, van de jongeren, van het geestelijk lied. Na jaren arbeiden in Gods koninkrijk is het voor dominee J. Van Amstel tijd geworden om met emeritaat te gaan. Dat valt hem zwaar. "Ik heb nooit een roeping voor het emeritaat ontvangen. Had ik dat maar!"

Bevend, zo zat dominee Van Amstel aan de grote tafel in de consistorie toen hij de kerkenraad vertelde dat hij met emeritaat zou gaan. Een uur daarna beefde hij nog steeds. Inmiddels is het anderhalf jaar later en heeft de pastor vrede met zijn vertrek als dominee van zijn gemeente in Ede. Al blijft het zwaar. "Ik vind het vreselijk en had graag door gegaan. Maar aan de andere kant vind ik het nu goed. De Heere leidt je in alle dingen."

Luiheid
Dat zijn vertrek de dominee aan het hart gaat, lijkt logisch. Ruim dertig jaar lang was hij betrokken bij het lief en leed van de kerkleden in Ede. Hij leidde trouwdiensten van zijn catechisanten, doopte hun kinderen en gaf ook hen weer catechisatie. Daarnaast heeft hij jarenlang veel werk verricht voor de synode, schreef hij boeken en artikelen en was hij betrokken bij allerlei stichtingen en comites. Misschien ligt dat aan zijn hekel aan luiheid, zoals hij zelf oppert. Of aan zijn betrokkenheid met de medemens. En met hun heil.
Inmiddels is dominee Van Amstel 73 jaar en hoopt hij deze maand met emeritaat te gaan. Daarna zal het werk voor hem nog niet stoppen, want hij blijft gewoon catechisaties geven in Ede, zal de huwelijken blijven bevestigen en doop en het Avondmaal bedienen. "Eigenlijk zit ik dus op een glijdende schaal, glimlacht de dominee. Ik wil mijn catechisanten toch niet missen! Zij leren je zoveel. Dertig jaar lang heb ik acht á negen uur per week catechisatie gegeven. Dat waren voor mij geen colleges, maar gesprekken. Het heeft me altijd heel veel energie gekost, maar me ook veel vreugde gegeven om dat te mogen doen."

Vleugels
Zijn liefde voor jongeren is een van de eigenschappen die de dominee typeert. Maar ook zijn inzet voor de synode en zijn liefde voor de Christelijke Gereformeerde Kerken is typerend. Ds. Van Amstel is een predikant die geliefd lijkt binnen de breedte van de kerken. Zijn streven was altijd de vrede te bewaren, zijn missie de eenheid te behouden. Terugkijkend op deze inzet, ziet hij dat de eenheid door de jaren heen minder is geworden. "In 1965 ben ik als kandidaat zeven keer bij acclamatie (met algemene stemmen, JT) beroepen. Toen ik als predikant in Middelburg stond drie keer, in Enschede twee keer en in Ede niet een keer, terwijl ik toch in al die jaren heel wat beroepen heb ontvangen. Als ik die trend objectief bekijk, moet ik concluderen dat dit ons kerkelijke leven typeert. Veertig jaar geleden was er van noord naar zuid toch een grotere eenheid. Die eenheid is echter steeds minder geworden. Geregeld heb ik daar om moeten huilen.
Al die jaren heb ik geprobeerd mijn armen zo wijd mogelijk gespreid te houden om allen bij elkaar te houden. Helaas zijn ook mijn vleugels te zwak. Het is mijn grote zorg hoe het verder moet met ons kerkverband. Hoe moet de romp verder als de vleugels zo zwaar geworden zijn?"

Naast de zorg die hij heeft, overheerst bij de predikant een gevoel van verwondering over de krachten die hij ontving om het vele werk te kunnen doen. Verwondering ook over hoe God hem naar de verschillende gemeenten leidde. Voordat hij naar Ede ging, stond de pastor allereerst in Middelburg. "Ik herinner me die periode als een hectisch begin. Ik was consulent van het vacante Vlissingen en dat betekende drie keer per zondag preken en dubbele catechisaties leiden. In Middelburg heb ik hard leren werken. Het gebeurde wel dat mijn vrouw in de nacht van zaterdag op zondag om drie uur s nachts mijn studeerkamer binnenkwam, waar ik nog aan mijn preek zat te werken. Schrijf nou maar amen, zei ze dan. Vanaf die tijd heb ik geprobeerd mijn preken op vrijdagavond af te hebben.
We waren erg aan de gemeente van Middelburg verknocht, we voelden ons er erg thuis. De Heere had me duidelijk geroepen. Toch riep God mij in 1971 naar Enschede, waar we aan een drukke straat terechtkwamen en in een gemeente die twee keer zo groot was. Die overgang was erg groot. De gemeente van Enschede was er een met veel randleden, die veel zorg nodig hadden. Ik heb daar veel geïnvesteerd in het evangelisatiewerk, zoals ook in de andere gemeenten. Vaak heb ik in die periode het gevoel gehad dat ik alles zelf moest doen, maar dat leerde me alleen op mijn Zender te zien. Achteraf gezien is de periode in deze gemeente een rijke zegen geweest. We hebben veel liefde en hartelijkheid ontvangen, vooral toen mijn vrouw zo vaak in het ziekenhuis lag."

Fiets
Inmiddels was de gemeente in Ede vacant en werd een beroep uitgebracht op dominee Van Amstel. "Toen ik voor dit eerste beroep moest bedanken, was de gemeente in Enschede zo blij dat ik een fiets kreeg. Met die fiets fiets ik inmiddels in Ede, want de tweede keer dat de gemeente mij beriep, voelde ik een roeping om naar de Veluwe te gaan."
Het gezin Van Amstel verhuisde in 1978 naar Ede. "Toen we uit Enschede weggingen, nam ik me voor nooit meer zo hard te gaan werken. Maar ik had de Heere lief en kreeg mijn volgende gemeente ook lief en ik liep er niet minder hard om. In Ede was het pastoraat even intensief, maar God heeft me zoveel genade gegeven om hier te mogen werken! Ik ben er nog verwonderd over. De samenwerking met de kerkenraad was altijd goed, de broeders hebben altijd echt gewerkt. We hebben een erg moeilijke periode gehad in de gemeente, maar de Heere heeft ons juist toen enorm getroost. Ik heb hier kunnen werken met een biddende gemeente naast me en een biddende Hogepriester boven me."

Ketters
Dominee Van Amstel heeft niet alleen een passie voor preken, maar ook voor muziek. Zijn vier dochters bespelen allen een instrument en de pastor en zijn vrouw schreven beiden een aantal liederen. Jarenlang zat de dominee in de stichting Geestelijk Lied Gereformeerde Gezindte.
Talloze liederen beluisterde en keurde hij; de predikant heeft dan ook een duidelijke mening over allerlei gezangen. Elly en Rikkert noemt hij veelal niet van Bijbels niveau, catechisanten die remonstrantse liederen luisteren noemt hij ketters. "Ik heb zorg over wat er gezongen wordt in de kerken. Ook hierin zie je dat het gereformeerde aan het verdwijnen is. Veel kerkleden hebben geen gereformeerde body meer. Het evangelische God houdt van jou, wat je ook doet, wint terrein. Ik probeer mijn catechisanten heel duidelijk mee te geven hoe ik daar tegenaan kijk. En dan bezorg ik ze liever de schrik van hun leven door ze gekscherend voor ketter uit te maken, dan dat ze gelijk weer vergeten wat ik zeg. Ik probeer mijn catechisanten vooral ook mee te geven dat ze op grond van Gods verbond bij Hem kunnen pleiten voor al wat hen ontbreekt."
De doop waar hij zijn catechisanten op wijst, is voor de pastor erg belangrijk. "Ik geloof niet dat er een kerk is die zo Bijbels en zo voluit calvinistisch leert dat de doop geen rustgrond, geen zandgrond, maar een pleitgrond is als de christelijk-gereformeerde. Het zou mij dan ook vreselijk aan het hart gaan als dat er minder zou gebeuren."
De zorg die hij heeft over de toekomst van het kerkverband, slaat de dominee niet lam. "Mijn grotere zorg dan het kerkverband zijn allen die de Heere nog niet kennen. Het kerkverband mag verdwijnen, maar dé Kerk heeft toekomst. Ik houd van onze kerken, maar als de Heere er maar bij blijft."

Thuis
Nu hij met emeritaat gaat, stoppen de werkzaamheden van de predikant niet. "Het project Herziene Statenvertaling kost veel tijd, ik ben nog actief voor Media Wijzer en ik hoop te blijven schrijven. Voorlopig zal ik er dus weinig van merken. Mijn vrouw is echter niet zo gezond, dus ik kan wel wat meer thuis gaan doen. Ik heb mijn gezin door de jaren heen wel heel veel aan mijn vrouw over gelaten. Gelukkig heb ik een heel lieve vrouw getrouwd: ze is een Godvrezende moeder en een uitstekend pedagoog. We doen dan ook praktisch alles samen. Als ik s avonds thuis kwam, gingen wij vaak pas om elf uur nog aan de koffie om na te praten. Mijn vrouw is mijn beste ouderling. Ze is altijd kritisch en schuwt niet om behoorlijke kritiek te geven op mijn preken of schrijfsels. Maar het is goed om te weten dat het uit een goed hart komt en dat ze het uit liefde doet."
Het emeritaatschap betekent dat de pastorie vlakbij de kerk verruild moet worden voor een andere woning. "We blijven wel in Ede wonen. Waar zou ik een kerk moeten vinden die bij me past?" Met een sprankeling in zijn ogen glimlacht de dominee. "Wij zijn als christelijk-gereformeerden wel een apart kerkje hoor."

 


Abonneer u nu op de RSS-feed van De Wekker