jaargang 129, 8 mei 2020, nr. 10

Bevrijding

door A. Versluis

Terwijl we zoveel mogelijk thuis blijven, herdenken we 75 jaar bevrijding. De viering daarvan is noodgedwongen anders dan gepland. Alle openbare activiteiten zijn afgelast of zo sober mogelijk. Toch kan dat ook iets van de waarde van onze vrijheid laten zien. Onwillekeurig vraag je je in deze tijd af hoe het moet zijn om altijd thuis te zitten – zoals veel zieken of ouderen. Of hoe het moet zijn om gevangen te zitten, of ondergedoken. Dat is onvergelijkbaar erger dan onze beperkte beperkingen, maar die laten ons wel merken hoe kostbaar vrijheid is. Vrijheid spreekt nooit vanzelf en het gemis ervan (hoe beperkt ook) kan ons de waarde ervan des te meer laten zien.

Gods werk is bij uitstek bevrijdend. Aan het begin van de Tien Geboden stelt God zich voor als “de HEERE, uw God, die u uit Egypte, uit het slavenhuis, bevrijd heeft”. Hij bevrijdt van slavernij, van de zonde, van de dood. Om in die vrijheid te blijven moet Zijn volk leven naar Zijn goede geboden. Vrijheid is niet alleen het ontbreken van onderdrukking of beperkingen, maar heeft ook een doel. Vrijheid mag geen aanleiding geven aan het vlees, aan de zonde, maar zal erop gericht zijn elkaar te dienen door de liefde (Gal. 5:13). Dat is geen vrijheid om te herdenken, maar om in te oefenen. Dat kan gelukkig ook nu.