128e jaargang, 25 oktober nr.22

Wij hebben vaak niet zo veel oog voor de geestelijke wereld. Dat zal voor een flink deel te maken hebben met onze cultuur van na de Verlichting (de ‘onttovering van de wereld’). Ook de Schrift geeft ons echter weinig details over engelen en demonen. Het is wel duidelijk dat de geestelijke boosheden er zijn en dat waakzaamheid geboden is, maar onze nieuwsgierigheid houdt veel vragen over.

Volgens sommigen zouden we veel meer oog moeten hebben voor de geestelijke boosheden in de lucht. Als jongere heb ik boeken gelezen van Frank Peretti, waarin de geestelijke strijd heel concreet en spannend beschreven wordt. Hij legt een directe lijn tussen het gebed van christenen en de resultaten in die strijd. Ook voor christenen uit andere culturen is de geestelijke wereld veel meer een levende realiteit.

We zullen de geestelijke machten waarover de Schrift spreekt, serieus moeten nemen, zonder te vervallen in ongezonde bezorgdheid of speculatie. De duivel werkt soms openlijk, maar vaak veel subtieler. Zouden (kerkelijke) drukte, verdeeldheid, roddel of materialisme niet minstens zozeer met de geestelijke strijd te maken hebben als openlijk occulte dingen? Alle reden tot waakzaamheid dus!