128e jaargang, 11 oktober nr.21

Op minstens twee momenten tijdens de bezinningsbijeenkomst voor de generale synode, vrijdag 4 oktober jl., kwam de naam van ds. J.H. Velema voorbij. Als de schrijver van het boek Wie zijn wij?, maar ook toen de scriba melding moest maken van een auto op de parkeerplaats waarvan de lampen nog brandden. Het ging om een auto met een kenteken met tussen de cijfers in de letters JHV. We waren het er trouwens over eens dat het volgende ook de titel had kunnen zijn van een door hem geschreven boek: Houd de lampen brandend. En óf er ook plezier is op zo’n synode! Sinds ik mijn werk heb in Nunspeet, hoor ik J.H. Velema’s naam regelmatig. Over het algemeen met veel respect. Ach, dat die H niet staat voor ‘Heilige’ wist hij zelf ook wel, maar het is zoals een dorpsgenoot zei: ‘Die hield de boel wel bij elkaar.’ Ook in de jubileumeditie van De Nieuwe Koers komt medeoprichter Velema naar voren als een man van het midden. De toenemende vrijzinnigheid van Trouw was vijftig jaar geleden een gezamenlijk front. Maar strevend naar Schriftuurlijke en geestelijke voorlichting zag ds. Velema noch heil in ‘gereformeerde’ eenkennigheid, noch in ‘gereformeerde’ eenvormigheid.

Het lijkt erop dat er in onze eigen kerken steeds minder midden is. Wie zich daar altijd thuis voelde, dreigt te worden vermorzeld tussen tegen elkaar opbotsende aardplaten. Óf, als de flanken – het strijden moe – als ijsschotsen uiteendrijven, vereist een middenpositie een spagaat waarmee men het op een wereldkampioenschap turnen ver zou schoppen. Dat midden, wat was dat eigenlijk, en is het dat nóg? Sommigen zeggen dat het midden een kerkpolitieke comfortzone is geworden, waarvoor in ‘de laatste dagen’ inderdaad geen ruimte meer is. Óf wijst het uiteengaan van kerkelijke vleugels op een radicalisering, die je zich ook in de samenleving ziet voltrekken? Valt er van luisteren, geduld, begrip, nuance niet toch nog heil te verwachten? Heimwee naar JHV zal niet helpen. Heimwee naar God en Zijn huis wel. Dus toch elkaar blijven zoeken Onder Gods lamp, naar de titel van een boek van …? Juist ja.